De oprichters
Tekst Eline Cordie · 22 oktober 2024
Eén ding echt goed doen
Terugblik met Le Bonnet

Le Bonnet begon met een eenvoudig idee: één muts, echt goed gemaakt. Geen groot plan, wel het vertrouwen dat een goed product lang kan blijven. Vanuit dat begin groeide een merk rond kleur, vakmanschap en mensen die blijven terugkomen.
Elke muts heeft een tijdloze vorm en krijgt leven door kleur. Ze worden in Schotland gemaakt door vakmensen die al generaties lang breiwerk maken. Wat begon met twee vrienden in een piepklein Amsterdams kantoor, is uitgegroeid tot een merk met klanten over de hele wereld. Tien jaar later is de houding hetzelfde gebleven: goede materialen, goed vakwerk en plezier in het doen.
Beginnen zonder plan
Het verhaal kreeg vorm toen Matthieu Jansen, net van Hotelschool The Hague, op zoek ging naar de perfecte muts die hij nergens kon vinden — of, als hij hem wel vond, uiteindelijk toch in een bar verloor. Vastbesloten om hem zelf te maken, nam hij contact op met de Schotse fabriek die zijn favoriet had geproduceerd, bestelde twintig samples en haalde via contacten uit zijn modellenwerk de eerste klant binnen. Kort daarna sloot voormalig huisgenoot Vasco de Vries zich aan. Rationeler waar Matthieu intuïtief is, bracht Vasco balans in het avontuur. "We kennen elkaars sterke kanten heel goed," zegt Matthieu. "Als je zo lang hebt samengewoond, ken je ook elkaars eigenaardigheden. We dachten: als we dat hebben overleefd, kunnen we waarschijnlijk ook samen een bedrijf runnen."
Toen ze begonnen, hadden ze nauwelijks voorkennis. "We hadden eerlijk gezegd geen idee wat het betekende om een bedrijf op te bouwen," zegt Vasco. "We hebben alles geleerd met vallen en opstaan." Matthieu vult aan: "We dachten niet in businessmodellen, alleen aan iets maken dat we zelf wilden hebben."
De eerste jaren zaten vol tegenslagen. Een veelbelovende order bij een warenhuis klapte nog voor die begon, waardoor ze achterbleven met dozen vol voorraad en geen koper. "Dat was een schok," zegt Matthieu. Vasco haalt zijn schouders op: "Maar we waren jong en hadden niet het gevoel dat we veel te verliezen hadden."
Hun eerste kantoor, aan de Raadhuisstraat, was op één detail na onopvallend: het huisvestte waarschijnlijk de kleinste bar van Amsterdam. "De vorige huurder had die erin laten bouwen, compleet met barkrukken en alles. Het sloeg nergens op," zegt Matthieu, "maar het was perfect. Vrienden kwamen langs, avonden werden lange gesprekken, en op de een of andere manier werd het de kern van het merk."
De breierij en de werkwijze
Vanaf het begin werkten ze samen met een historische breierij in Schotland, waar al 180 jaar breiwerk wordt gemaakt. "Niemand kan het zoals zij," zegt Vasco. "Ze hebben iets eigens. Dit is hun expertise, bijna twee eeuwen lang verfijnd." De wol wordt ingekocht in Engeland, bij een spinnerij die al 250 jaar bestaat. Elke muts gaat nog steeds door veertien paar handen voordat hij klaar is.
Kleur werd al snel hun handelsmerk. Wat begon als één ontwerp is inmiddels uitgegroeid tot acht verschillende mutsvormen. "Het model is tijdloos," zegt Matthieu, "maar de kleuren brengen het tot leven. Je kunt jarenlang dezelfde muts dragen, of er een collectie van opbouwen. Dat is het plezier: de eenvoud van de vorm en de rijkdom van het palet."
Kleur en klein blijven
Die focus op één ding echt goed doen blijft centraal staan. Ze hebben nooit jacht gemaakt op seizoenscollecties of uitwaaierende productlijnen. "We hoeven niet te schreeuwen," zegt Vasco. "We blijven liever klein, doen ons eigen ding en leggen de lat hoog als het om kwaliteit gaat."
Onverwachte fans
Met de groei van het merk kwamen ook onverwachte fans. Niemand minder dan Bruce Springsteen kocht ooit veertien (!) mutsen in New York. "We weten nog steeds niet of ze allemaal dezelfde kleur hadden," lacht Matthieu. "Waarschijnlijk niet." Ook de koningin van Denemarken is een trouwe klant. "Haar kantoor schreef ons: de koningin is haar favoriete blauwe muts kwijt. Kunnen jullie een nieuwe sturen?"
Tien jaar later runnen Matthieu en Vasco het bedrijf nog steeds zij aan zij, en soms pakken ze zelfs zelf bestellingen in. Wat begon in een gedeeld appartement, tussen twee vrienden die op elkaar vertrouwden, is uitgegroeid tot een tijdloos merk. In de kern is het nog steeds hetzelfde: twee huisgenoten die besloten één ding echt goed te doen, op hun eigen manier.
Uit de collectie
